Mond. vraag trage wegen. 20071906

Mondelinge vraag trage wegen.
Luc De Braeckeleer 19/06/2007.

De heer Debraekeleer zegt dat in de strategische nota 2007-2012 de deputatie zich een aantal doelstellingen stelt i.v.m. buurtwegen: een geo-loket, een interprovinciale samenwerking, een verdere inventarisatie. Dit is het bewijs dat de deputatie erkent dat de buurtwegenthematiek ook een provinciale materie is.
In het verleden werd vanuit de GROEN!-fractie de noodzaak verdedigd van een krachtdadig beleid op het vlak van buurtwegen. Buurtwegen zijn immers een essentieel onderdeel in een beleid dat oog heeft voor de zwakke weggebruiker en in een beleid dat –zowel in landelijke als verstedelijkte gebieden- de bestaande ruimtelijke structuur en buurtwegennetwerk beschermt. De inventarisatie van de buurtwegen in een provinciale digitale buurt- en voetwegenatlas was in het verleden een belangrijke opdracht. Even essentieel als de inventarisatie is echter de bescherming van de buurtwegen. In veel gemeenten blijkt er weinig bereidheid om actief buurtwegen te vrijwaren voor afsluiting en verdwijning. Dit blijkt uit een aantal recente dossiers.

1. De voorbije legislatuur werden bijna alle aanvragen tot aanpassing van een buurtweg gunstig geadviseerd. Welke criteria hanteert de deputatie wanneer een dossier tot aanpassing van een buurtweg voorligt?
2. In bepaalde gevallen komt door de arbitraire afsluiting van een buurtweg een officieel uitgestippelde wandeling in het gedrang. In bepaalde gevallen gaat het zelfs om een wandelroute waarvoor de provincie de bewegwijzering voor haar rekening genomen heeft. Welke middelen heeft de provincie om hiertegen te reageren? Wordt er ook effectief gereageerd?
3. In de strategische nota staat dat een aantal juridische vraagstukken in verband met buurtwegen zullen uitgewerkt worden. Welke zijn op dit ogenblik de juridische struikelblokken die een doeltreffend buurtwegenbeleid hypotheceren?
4. Een afzonderlijk deel in dit buurtwegendossier zijn de spontaan gegroeide, nog niet officiële buurtwegen. Heeft de deputatie op dit vlak al initiatieven genomen?
5. In onze provincie moet de burger een afspraak met een provinciale of gemeentelijke ambtenaar maken om inzage in de digitale atlas te krijgen. Op de site van de provincie Oost-Vlaanderen kan iedere burger de provinciale buurtwegenatlas raadplegen. Blijft de deputatie bij de huidige werkwijze of wordt – eventueel in het kader van de nieuwe website - naar een meer gebruiksvriendelijke raadpleging overgestapt?

De heer Dekeyser, gedeputeerde, zegt dat de provincie de rol erkent van de buurt- en voetwegen in het mobiliteitsbeleid in het algemeen en in het trage wegennetwerk in het bijzonder. Het pleidooi voor eerherstel van de buurt- en voetwegen is overigens geen wereldvreemde keuze, gelet op de toegenomen interesse bij het grote publiek. De provincie is er van overtuigd dat er heel wat argumenten pleiten voor het maximaal behoud van deze wegen: naast hun bijdrage tot een duurzame mobiliteit en de verkeersveiligheid, spelen zij ook een rol in de ecologische infrastructuur en hebben ze onmiskenbaar cultuurhistorische en recreatieve functies.

De provincie hanteert als basisprincipe het behoud van het trage wegennetwerk als geheel, bij het beoordelen van de dossiers. Aanpassingen aan buurt- en voetwegen hebben vaak te maken met verkavelingen en vragen rond exploitatie van landbouwgrond. Deze mogen geen aanleiding geven tot het ontstaan van ontbrekende schakels in het netwerk.

De provinciale overheid kan bij het arbitrair afsluiten van een buurtweg, waardoor een uitgestippelde wandeling in het gedrag komt, steeds teruggrijpen naar de Wet op de buurtwegen van 10 april 1841 en naar het Provinciaal Politiereglement der Wegen van 10 maart 1955.
De Wet op de Buurtwegen regelt in hoofdstuk III de verbreding, rechttrekking, aanleg en afschaffing van de buurtwegen. Aanleg, afschaffing of wijziging van een buurtweg dient voorafgegaan te worden door een onderzoek, waarvoor de wet een procedure heeft vastgelegd. Het arbitrair afschaffen van een buurtweg is duidelijk een overtreding van deze bepalingen en kan dus aanleiding geven tot een gerechtelijke procedure, waarbij het herstel in de oorspronkelijke staat en boetes kunnen opgelegd worden aan de overtreder(s).

Er zijn de volgende juridische knelpunten:
 in de wet van 10 april 1841 werd geen juridische omschrijving of definitie opgenomen van buurtweg. De wetgever volgde daarbij de redenering dat "iedereen weet wat een buurtweg" is. Dit is uiteraard geen probleem van de provincie Vlaams-Brabant alleen.
 30-jarige verjaring: de rechtsleer is verdeeld over de verjaarbaarheid van erfdienstbaarheden. De 30-jarige verjaring moet vastgesteld worden door de rechter aan de hand van een vonnis. De gemeenteraad stelt, naar aanleiding van het vonnis, aan de deputatie voor om de weg af te schaffen. De deputatie neemt de beslissing tot afschaffing van de weg naar aanleiding van het vonnis. In dit geval moet er geen meerwaarde of aankoop van de verlaten bedding gebeuren.
Indien het vonnis het 30-jarig ongestoord gebruik van een weg inhoudt, moet een rooilijnplan door het schepencollege goedgekeurd worden. Aan de hand van dit rooilijnplan kan de gemeente de gronden gratis in het openbaar domein inlijven.
In beide gevallen moet de akte van grondoverdracht geregistreerd worden bij het kantoor van registratie.
Door de cel wegen werd aan alle vredegerechten van Vlaams-Brabant gevraagd hoe de juridische procedure tot verjaring moet aangevat worden. Geen enkele positieve reactie werd hierover ontvangen.
 provinciaal politiereglement der wegen dateert van 1954 en dient geactualiseerd te worden. Dit zal nog in de raadscommissie besproken worden.

Spontaan gegroeide wegen bestaan niet. De deputatie kan in deze geen initiatieven nemen.
Het is aan de gemeenten om rooilijnplannen van deze wegen goed te keuren, waarna de grondinnemingen in der minnen kunnen gebeuren. De aktes van grondafstand moeten geregistreerd worden.
Voor verschillende wegen kan de 30-jarige verjaring ingeroepen worden.
De gemeente kan een publiekrechtelijke erfdienstbaarheid van doorgang verkrijgen, indien een doorgang gedurende 30 jaar voortdurend - zonder onderbreking - werd gebruikt voor het openbaar verkeer. De bewijslast ligt volgens de rechtspraak bij de gemeente. Het initiatief om procedures op gang te zetten om dergelijke wegen op te nemen in de atlas der buurtwegen moet eerder bij de gemeenten gesitueerd worden. De provincie kan de gemeenten wel stimuleren om dit te doen.

De dienst mobiliteit en wegen heeft in de strategische nota 2007-2012 de ambitie geformuleerd om tegen het einde van deze legislatuur een geo-loket aan te bieden voor de buurt- en voetwegen. Dit kan alleszins niet meer gerealiseerd worden met de huidige website.

In afwachting van de pensionering van het personeelslid dat deze dossiers behandelt werd al iemand nieuw aangeworven. Op deze manier kan nu al de kennisoverdracht gebeuren.